Damme

Historische bezienswaardigheden:
Stadhuis
Huyze St.-Jan
Huyze de Grote Sterre
Kazematten
Brugse poort
Stadsvesten
Schellemolen
Onze-Lieve-Vrouwekerk
St.-Janshospitaal
hoeve St.-Christoffel
hoeve de Stamper
Slekkeput

Musea
stadhuis
Onze-Lieve-Vrouwekerk
Schellemolen
Museum St.-Janshospitaal
Uilenspiegelmuseum
Museum Charles Delporte

Andere bezienswaardigheden
natuurreservaat de Damse vesten
Damse vaart






Na de overstroming in het begin van de 11de eeuw, is men begonnen met het opwerpen van dijken langs beide zijden van de zeeinham naar Brugge om het achterland te beschermen en om nieuwe landbouwgronden vrij te maken.  Door deze indijkingen en het terugtrekken van de zee, verzandde de vaargeul (de Scheure) die Brugge verbond met de zee.   Een kanaal werd gegraven om Brugge opnieuw met de teruggetrokken Scheure te verbinden. 
Na de stormvloed van 1134 is het Zwin ontstaan.  De dijken op de rechter- en linkeroever werden met elkaar verbonden ten hoogte van "Ten Damme".  Er werd een nieuw kanaal gegraven tussen Brugge en Damme.  Op het einde van dat kanaal bouwden de Bruggelingen de Speie (vandaar de Speiestraat), waar de schepen versast werden.  Damme werd de voorhaven van Brugge.

Damme heette eigenlijk eerst Hondsdamme (vandaar de hond in het wapenschild).  Die naam heeft echter niets te maken met een hond, maar met een "honte".  Dat is een modderige plaats aan de monding van een stroom.  Deze "honte" werd dan verbasterd tot "hond".  Een legende vertelt dat de duivel, in de vorm van een dolende hond met zijn gehuil de dijkbouwers schrik aanjoeg.  Op een gegeven moment was er een dijkbreuk, de dijkbouwers sloegen de hond de kop in, duwden het kadaver in de bres en Damme was gered van de overstroming (en van het gehuil van de hond natuurlijk).  We hopen uiteraard voor de hond dat dit inderdaad maar een legende is...

Graaf Filips van den Elzas gaf Damme, en dit om de handel te stimuleren, reeds in 1180 stadsrechten en vrijstelling van tol.  De zeeschepen konden tot aan Damme varen, waar hun goederen konden overgeladen worden op kleinere schepen, die via het kanaal (Reie) Brugge konden bereiken.  Gedurende de eerste honderd jaar beleefde Damme zijn grootste bloei; de oudste monumenten zijn uit deze tijd.  Naast de overslag van goederen, had Damme ook stapelrechten op wijn en haring (zie haringmarkt).  De stad groeide snel en al gauw begon men met de bouw van de Onze-Lieve-Vrouwekerk.  Een weinig later werden de hallen en het St.-Janshospitaal gebouwd.  Ook in die tijd werden vele andere gebouwen opgetrokken die ondertussen zijn verdwenen, zoals een begijnhof, een gasthuis en verschillende kapellen.  Ook de inmiddels verdwenen Katarinakerk dateert uit deze tijd; dit gebouw bevond zich net buiten de huidige stadswallen.  Er werd tevens recht gesproken, wat de belangrijkheid van de stad aantoont.  Damme werd één van de grootste voorhavens van zijn tijd.  Toen de Franse koning Filips August in 1213 de stad veroverde, kon de volledige Franse vloot (1700 schepen!) in de haven ondergebracht worden.  

In 1262 werd een kanaal gegraven van Gent naar Damme: de Lieve.  Via een sas (Gentse Speye) kwam dit kanaal de stad binnen.  Eerst mondde de Lieve net buiten de stad in het Zwin uit, later werd het kanaal om strategische redenen binnen de stadswallen geleid.

Tot dan had Damme geen verdedigingswallen.  Dit veranderde toen in 1297 de stad door de Franse koning Filips de Schone werd ingenomen.  Damme werd echter snel door de Vlamingen teruggenomen.  Toen werden de eerste versterkingen aangebracht.  Op het eind van de 14e, begin 15e eeuw werd een tweede omwalling gebouwd.

Mettertijd verzande echter de toegang tot de haven en de grootste schepen konden Damme niet meer bereiken.  Bij het begin van de 14e eeuw verschoof het zwaartepunt van de handel naar andere, dichter bij de zee gelegen havens.  Vooral Lamminsvliet (het latere Sluis) profiteerde hiervan.  Damme verloor langzamerhand zijn belangrijkheid als handelsstad, maar de stad stond niet ten dode opgeschreven.  Het havenstadje werd omgevormd tot een militaire vesting.

In 1568 begon de 80-jarige oorlog tussen Spanje en de Noordelijke Nederlanden.  Toen in 1604 Sluis en Aardenburg door Prins Maurits van Nassau werden ingenomen, kwam Damme in de frontlinie te liggen.  Tussen 1615 en 1620 werd door de Spanjaarden een nieuwe verdedigingsgordel aangelegd in de vorm van een 7-ster.  Deze omwallingen zijn nu nog goed te zien en worden hersteld.  Damme was belangrijk omwille van zijn ligging op het kanalennet, omdat het dicht tegen het vijandelijke Sluis ligt en ideaal gelegen is om Brugge te kunnen verdedigen.  De monding van het kanaal "de Lieve" (Damme - Gent) werd binnen de stadmuren geleid en kwam de stad binnen via een overdekte waterpoort.  Die poort werd later als wapenopslagplaats (kazemat) gebruikt en bestaat nog steeds.  Door de aanleg van de nieuwe stadswallen, moesten een aantal gebouwen (zoals de oude stadspoorten) afgebroken worden.  Men kon de stad nu enkel nog binnen via 2 nieuwe poorten.  Een gouverneur bestuurde de stad en Damme zou een vestingstad blijven tot 1760.

Tijdens de Spaanse successieoorlog (1703-1713) werd de stad nog verder versterkt.  Ondanks deze inspanningen, werd de vesting in 1706 door de troepen van de hertog van Marlborough bezet.  Tachtig jaar later werden de terreinen van de  verdedigingswerken op bevel van keizer Jozef II openbaar verkocht.

In 1810 probeerde Napoleon via een kanaal Brugge met de Schelde te verbinden.  Dit kanaal is echter nooit volledig afgewerkt en stopt tegenwoordig in Sluis.  Dit is de huidige "Damse Vaart".  Jammer genoeg werd het kanaal dwars door Damme getrokken.  Dit had als gevolg dat een groot deel van Damme werd afgebroken, onder andere de Korenmarkt en vele statige herenhuizen.  De 3 waterlopen die tot dan toe in het centrum van Damme samenvloeiden (Lieve, Reie en Zwin) en de havenkom, werden opgevuld met het zand van de "Damse Vaart".

Door zijn rijke geschiedenis en historische bezienswaardigheden is Damme tegenwoordig een levendige toeristische trekpleister.  Tot ver over de landsgrenzen is het stadje bekend voor zijn gastronomie en sinds een aantal jaren is er eveneens een boekendorp. 

Bezienswaardigheden: historisch centrum met stadhuis, markt, molen, kerk, St.-Janshospitaal, verscheidene kunstwerken, verschillende oude huizen zoals Huyze St.-Jan en de Huyze de Grote Sterre, middeleeuwse waterput en waterpompen, standbeeld Jacob van Maerlandt, verschillende musea, Haringmarkt, sluis van het Zwin (Sleckeput), sas van de Lieve, stadswallen, kazematten, natuurreservaat, verschillende oude hoeves in de omtrek, Damse Vaart, landschap rond Damme, ...

naar: kaart van Damme / overzichtskaart  
overzichtspagina

Er is ook een Damme in Duitsland: www.damme.de